Leuven, een prachtige stad met een geschiedenis die al teruggaat tot in de negende eeuw. Met bezienswaardigheden als het stadhuis, Het Groot Begijnhof en de Grote Markt, een ideale citytrip. Daarvoor waren we echter niet naar Leuven afgezakt. Maar wel om een kleine vier uur af te zien om en rond deze historische stad.

Leuven ligt langs de Dijle, maar toch zwommen we in het meer van Rotselaar. De reden is mij onbekend, maar ik vond het zeker niet erg. Het water in het meer leek me echt van superbe kwaliteit, dat maakt het natuurlijk des te aangenamer om in af te zien.

Want afzien, dat stond mij echt wel te wachten. Om 11 uur stipt, nog maar zelden meegemaakt dat een triatlonwedstrijd stipt begint trouwens, gingen we van start voor 1.9 km zwemmen, 80 heuvelachtige kilometers fietsen en 20 hobbelige kilometers lopen. Voor de niet-kenners, een halve triatlon dus.

Ik startte helemaal vooraan en maakte na een snelle eerste 500m deel uit van het eerste groepje van 6 zwemmers. Ik kon het tempo net aan en wist dat ik bezig was aan een sterk zwemnummer. Bij de voorlaatste boei verloor ik even het contact en zwom dan de rest net achter het vijftal. Als zesde kwam ik op korte afstand uit het water. Zonder badmuts, dat wel. Want die verloor ik in de laatste 300m. Een toevallige passant zal de komende dagen overgelukkig huiswaarts kunnen trekken met die prachtige zwarte badmuts van EFC-ITC.

Als zesde uit het water en dus ook als zesde op die fiets. Klaar om te beginnen aan een inhaalrace. Dat liep al snel even anders dan gedacht. Na een tweetal bochten genomen te hebben met mijn nieuwe Trek tijdritfiets zag ik dat mijn Draft Box, waar al mijn reservemateriaal in zit, opengesprongen was. Aangezien dat die aerodynamische doos net boven mijn achterwiel zit, werd dit geen sinecure om die terug dicht te krijgen. Na een vijftal pogingen ondernomen te hebben gaf ik het op, ik reed door met die doos open. Toen ik even later kon aansluiten bij het viertal die voor mij reed, deed ik een nieuwe poging. Nu lukte het wel! Gelukkig had ik mijn gels vastgekleefd met schilderstape aan mijn kader. Ik maakte mijn gels los, stak ze in het bovenstuk van mijn triatlonpak en gebruikte de tape om mijn doos vast te kleven. Wonder boven wonder lukte dit allemaal en kon ik beginnen aan mijn inhaalrace richting Pamphiel Pareyn, want die had ondertussen al een mooie voorsprong op de rest uitgebouwd.

Toen ik de eerste keer in het centrum passeerde hoorde ik dat ik 45 sec. had. Achter dus op Pamphiel. Toen ik achter mij keek zag ik dat enkel Tom Mets en Wouter Monchy nog in mijn spoor zaten. Die moest ik kwijt zien te krijgen op mijn zoektocht naar de leider. Op de langste beklimming van de ronde trok ik fors door en toen ik achter mij keek in de afdaling zag ik onmiddellijk een gat. Ideaal, want net daarachter kwam de tweede beklimming van die ronde al. Daar kon ik hen definitief afschudden. Het gejuich was echter van korte duur. Twee bochten later stond een seingever nog niet honderd procent goed gepositioneerd en ging ik de verkeerde kant op. Ik zag mijn fout snel in en maakte rechtsomkeer. In dit tijd hadden mijn twee dichtste achtervolgers het gat natuurlijk al kunnen dichten. Dus nam ik ze de rest van de ronde nog mee in mijn zog. Het moest dan maar in de volgende ronde gebeuren op die beklimming.

Tijdens de passage in het centrum hoorde ik van mijn trainer Dirk dat ik anderhalve minuut had. ‘Wat rijdt die Pareyn stevig’, dacht ik. In plaats van tijd goed te maken, blijf ik er maar verliezen. Maar ik gaf de moed nog niet op. Op de beklimming ging ik weer fors door en ik merkte al snel dat ik te snel ging voor mijn dichtste kompanen. Goed zo. Op naar voor.

Eenmaal terug in het centrum kreeg ik te horen: “Meer dan twee minuten!” Nu zonk de moed me nu toch echt in de schoenen. Ik had er net een strakke ronde opzitten en die rijdt nu nog weg van mij.

De volgende ronde: “Drie minuten!” Ik berustte me al in het feit dat er iemand veel sterker was dan mij op de fiets. Dus die laatste ronde bleef ik mijn zelfde tempo rijden en mij er niets van aan te trekken.

Toen ik richting wisselzone ging hoorde ik de speaker Hans Cleemput iets zeggen van ‘leider’. Maar ik had het maar half gehoord en dacht er niet verder bij na. Na een tamelijk snelle wissel begon ik aan de laatste, maar voor mij zwaarste proef.

Ik zat behoorlijk snel in mijn ritme en kon een tempo van rond de 15 km per uur aanhouden. Wat voor mij op die afstand ideaal is. Ik zag Dirk al snel en hij riep dat ik 3 min. 30 voorsprong had op Mets. Ik vroeg onmiddellijk: “En hoeveel op Pareyn?” Dirk volledig verbouwereerd van mijn vraag antwoordde: “Die zit op meer dan zes minuten!”

‘Zes minuten?’, dacht ik bij mezelf, ‘Hoe kan dat?’ Maar ik bleef me focussen op mezelf en haalde het tempo dat ik wilde halen. Ideaal dus. Een podiumplaats zou er misschien wel kunnen inzitten. Net na de eerste ronde werd ik bijgehaald door Tom Mets. Ik vroeg onmiddellijk aan hem, want ik begon nu toch wat te twijfelen: “Waar zit Pareyn?” Die antwoordde nogal snel dat hij al heel lang out was.

Het werd even chaos in mijn hoofd. Heeft hij zich vergaloppeerd en moeten opgeven? Ik wist het niet. Later bleek dat hij al in de eerste ronde van het fietsen een lekke band had. Dus al heel lang uit de race was. De tijden die ik dus doorkreeg waar geen tijden van achterstand, maar dat was mijn voorsprong op de rest. Ik heb dus nooit geweten dat ik aan de leiding aan het rijden en lopen was. Een heel vreemd gevoel was dat.

Net op dat moment, na een achttal kilometer lopen voelde ik dat ik last begon te krijgen van blaren. Ook dat nog. Iedere stap werd pijnlijker en pijnlijker en ik kon mijn tempo niet meer aanhouden. Ik begon steeds trager te lopen. In de laatste ronde werd ik dan ook nog ingehaald door Wouter Monchy. Op een drietal kilometer van de meet hoorde ik zelfs dat Sybren Baelde nog heel erg dicht kwam. Ik zou mijn podium nu toch niet meer verliezen zeker?

Dirk stond de hele wedstrijd in communicatie met ploegmaat Bert Vergote, die kwam supporteren voor mij, en die gaf me mijn laatste mentale boost die ik nodig had. Ik kon op het laatste terug versnellen en kon zo alsnog mijn derde plaats veilig stellen. Maar het had letterlijk bloed, zweet en tranen gekost.

In de loopproef had ik zoveel pijn geleden dat het me na de meet eventjes te veel werd. Langs de ene kant was ik overgelukkig met mijn derde plaats, maar het kilometerslange verbijten van de pijn hadden er toch wel serieus ingehakt. Gelukkig waren Frieke, Sverre en natuurlijk Charlotte er om mij op te vangen. Ik had het echt even nodig.

Nadien moest ik snel op het podium en kon ik beginnen genieten van de vele felicitaties. Want mijn eerste podiumplaats op de halve afstand, daar ben ik echt wel trots op. Het is jammer dat ik niet volledig heb kunnen tonen tot wat ik in staat ben in het loopnummer. Maar mijn zwem- en fietsnummer staan wel al op punt.

We hebben in deze wedstrijd veel bijgeleerd en nemen dit allemaal mee naar het BK Halve Afstand in Geraardsbergen op 16 juni. Daar hoop ik terug op een topdag. Tot dan!

Bedankt aan alle supporters, zowel in de wedstrijd, als die op het thuisfront!

6 Comment on “Bloed, zweet en tranen in Leuven.

  1. Ongelooflijk hoe jij dit kan vertellen en uitvoeren. Ik had al van toen je nog koerste heel veel respect voor jou. Toen al was je een atleet. Behoorde je tot de absolute top. Je gezondheid heeft je parten gespeeld. Ik ben zo blij voor u dat jij een nieuwe passie hebt nu. Een eerlijke sport en man tegen man. Ook hierin schitter je terug! Eens een atleet altijd een atleet in duursporten.
    Ik volg je zonder meer via fb. Ook zie ik dat je een mooi gezinnetje heb met prachtige kinderen. Doe zo verder schoolmeester! Dit ben je toch he, als ik me dat goed herinner. Even als uw laatste Koers Tielt was denk ik, vond dit toen al spijtig wanneer je me dit vertelde dat zo n talent ermee stopte maar zie want je nu hebt opgebouwd. Respect champ!

    1. Bedankt voor de mooie woorden, Dieter!

  2. Schitterende prestatie en weeral een stap vooruit Matthias, die overwinning komt er wel !

    1. Bedankt!

  3. niet alleen een goede meester maar ook een goede triatlonner

    1. Bedankt, Robbe!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *